Datum: 10-09-2010 14:15, Bron: PropertyNL Categorie: Overig AMSTERDAM - De vermogenspositie van de woningcorporatiesector zal tot 2018 in neerwaartse zin ontwikkelen: de solvabiliteit daalt van 31,6% per ultimo 2008 naar 24,9% per ultimo 2018. Hiermee bevestigt het Centraal Fonds het in 2009 gepubliceerde beeld: toen werd voor het eerst aangegeven dat de komende tien jaar dat de financiële ruimte bij woningcorporaties voor investeringen zou afnemen.
De achteruitgang in de vermogenspositie wordt hoofdzakelijk veroorzaakt doordat gedurende deze periode een steeds groter deel van de investeringen onrendabel wordt. Op de langere termijn nemen de bouw- en onderhoudslasten sneller toe dan de huurprijzen en wordt door het Fonds rekening gehouden met een hogere kapitaalmarktrente dan de huidige. De oorzaken werden toen geschetst in de beheerlasten, bouwkosten en onderhoudslasten die relatief sterker zullen stijgen dan de huurinkomsten. Het beeld uit 2009 wordt bevestigd in het nu gepubliceerde Sectorbeeld. De relatief sterke kostenstijgingen doen zich al meerdere jaren voor. Door deze kostenstijgingen loopt de bedrijfswaarde van het bestaande woningbezit terug en wordt een steeds groter deel van de investeringen in huurwoongelegenheden onrendabel. Corporaties teren hierdoor in op hun vermogen. Voor het op peil houden van de investeringen kan worden gedacht aan meer verkopen en/of een betere balans tussen de lasten en opbrengsten uit de exploitatie. Om de vermogenspositie op peil te houden, kan volstaan worden met een betrekkelijk kleine verhoging van de exploitatie opbrengsten respectievelijk bezuiniging op exploitatielasten. Corporaties voorzien dalingen in nieuwbouw, sloop, verkoop en uitgaven leefbaarheid De corporaties (exclusief hun verbindingen) hebben in 2009 in totaal € 8,3 mrd geïnvesteerd in vastgoed voor de eigen portefeuille. Dit zijn de projectkosten van de in 2009 gerealiseerde productie. In vergelijking met de voorgaande prognoses over 2009-2013 daalt het totale investeringsvoornemen voor de prognoseperiode 2010-2014 met bijna 9% naar ongeveer 47 miljard euro. Die daling in het voorgenomen investeringsvolume wordt grotendeels veroorzaakt door de daling bij de voorgenomen nieuwbouwinvesteringen. De corporaties hebben ongeveer 24% (circa 80.000 woongelegenheden) minder nieuwbouw van huur en koop geprognosticeerd voor de periode 2010-2014, dan dat ze twee jaar geleden over de periode 2008-2012 deden. Daarnaast zijn ook de voorgenomen aankoopinvesteringen en verbeterinvesteringen enigszins gedaald. Wel is sprake van duidelijke accentverschillen: corporaties gaan meer inzetten op woningverbetering en op investeren in maatschappelijk vastgoed. Overigens is 2009 in productietermen voor nieuwbouw voor de corporaties opnieuw een topjaar: 31.500 nieuwe huurwoongelegenheden en 9.700 nieuwe koopwoningen zijn geproduceerd. |